
De John Cooper Works-familie is compleet nu Mini ook een JCW-sportversie van de Countryman voorziet. Een testverslag.
Wat houdt die John Cooper Works-behandeling juist in?
Onder de motorkap schuilt opnieuw een direct ingespoten en drukgevoede 1,6 liter-krachtbron, al hebben de Mini-ingenieurs er wel een nieuwe twinscrollturbo, een andere intercooler en een Valvetronic-kleppensysteem geplaatst. Die modificaties duwen het piekvermogen van 211 naar 218 pk en het maximumkoppel van 260 naar 280 Nm, in overboost heb je zelfs even 300 Nm tot je beschikking.

De Countryman stuurt zijn power naar de vier wielen via een manuele zesbak, al kan je nu ook voor een zestrapsautomaat opteren. Een dubbele primeur voor de JCW-familie. Het sprintje van 0 naar 100 km/u vraagt steeds 7 seconden rond, maar handgeschakeld knalt de Countryman naar een topsnelheid van 225 km/u en verbruikt hij 7,4 liter per 100 km waar de automaat 223 km/u en 7,9 liter laat optekenen.
En welke modificaties ondergaat het onderstel?
De John Cooper Works staat op een met 10 millimeter verlaagde sportophanging die strakker getrokken veren en dempers combineert met dikke stabilisatorstangen, terwijl de brede 18-duimsvelgen zich vullen met een opgewaardeerde remmenset. De koetswerkbewegingen bij het aanremmen, het bochtenpikken en het weer uitaccelereren blijven dan ook beperkt, al kan je nooit om het hoge zwaartepunt heen.

De sportmodus zorgt ervoor dat de gasrespons feller, de elektrische stuurinrichting zwaarder en de uitlaatnoot donkerder wordt, zodat de Mini nijdig gromt wanneer je accelereert en ongeduldig rommelt zodra je het gaspedaal weer lost.
Wat geeft dat onderweg?
Dan voel je de extra kilo’s meteen. Het splijtende dat de andere JCW’s kenmerkt, maakt plaats voor een acceleratie die we liever als vlot omschrijven. Vanaf 200 km/u gooit ook de matige aerodynamica van de hoge koets wat roet in het eten.

Nu heeft deze Countryman geen ambities als hogesnelheidstrein, het betere bochtenwerk past zijn expressieve karakter merkelijk beter. De integrale All4-aandrijving geeft de Countryman een onderstuurd karakter, al zorgt de bliksemsnelle krachtentransfer tussen de beide assen en de vloeiende samenwerking met de DSC-stabiliteitscontrole ervoor dat je het ding zetten kan waar je hem zetten wil.
Je mist het lichtvoetige kartgevoel dat andere Mini’s kenmerkt, toch serveert ook deze jongen behoorlijk wat rijplezier. Dankzij de extra stabiliteit van de langere wielbasis en de additionele grip van de vierwielaandrijving, is hij op bepaalde trajecten zelfs sneller dan zijn kwikzilveren JCW-collega’s. Echt waar.

Motor: 1598 cc, L4 (twinscrollturbobenzine), 218 pk bij 6000 opm, 280 Nm (300 Nm in overboost) bij 1900-5000 opm Transmissie: vierwielaandrijving, manuele zesbak Prestaties: 225 km/u, 0-100 km/u in 7,0 sec. Normverbruik: 7,4 l/100 km (172 g/km CO2) Prijs: 36.700 euro






| KLAAR VOOR DE SHOWROOM: BMW 4...
| WEGTEST: Renault Captur TCe...
| WEGTEST: CITROEN C4 PICASSO...
| HELEMAAL NIEUW: Citroen C4...
| OPGESCHERPT: Opel Insignia...
















