Zich aanmelden

Met Facebook aanmelden

of

Uw informatie is niet correct.

Ik meld me aan Wachtwoord vergeten?
Er is geen Facebook-account verbonden aan de website, schrijf u in.

Wachtwoord vergeten?

×
Mijn wachtwoord opnieuw versturen
Je nieuw paswoord werd je per email toegestuurd.
Geen account gekoppeld aan dit e-mailadres

U hebt nog geen account?
SCHRIJF U GRATIS IN.

Inschrijven nieuwsbrief
Menu
Meer dan 3.000 tests, 6.000 nieuwe wagens en 120.000 tweedehandswagens

En/Of

En/Of

Onze vergelijker laat je toe om tot 3 auto's tegelijkertijd te vergelijken en 9 vergelijkingen in je mandje te bewaren.

Een voertuig toevoegen

Een voertuig toevoegen

Een voertuig toevoegen

Vergelijken

Uw winkelmand van te vergelijken voertuigen0

Bent u zeker dat u uw selectie van voertuigen wilt verwijderen ?

Bevestigen Annuleren

Sleep en verplaats een voertuig vanuit uw winkelmand naar één van de 3 posities hierboven om de vergelijking te maken

Eerste test / Volvo S60 Polestar (2017)

Geschreven door op

Basisprijs meer info
65.450 €
  • Score redactie NC

Overzicht :

In het verleden moesten sportieve Volvo’s altijd genoegen nemen met de titel van secondant. Maar nu is er Polestar, Volvo’s prestatieafdeling, gepokt en gemazeld op de piste. En deze staljongens weten elk greintje talent uit een S60 te knijpen.

Met familie, milieu en veiligheid als kernwaarden, andere tijden in het verschiet en de Duitsers in de rol van onklopbare nemesis, hakte Volvo acht jaar geleden een knoop door: geen sportmodellen meer. Finito. Begrijpelijk, maar die memo is blijkbaar niet tot in Australië geraakt, waar een paar jaar terug de lokale afdeling van het merk bij de racedivisie Polestar aan de bel hing voor een straatversie van de gevleugelde S60 uit het Supercar-kampioenschap Down Under.

Polestar, toen nog onafhankelijk, nam een S60 T6 met zes cilinders van de productieband en kikkerde hem helemaal op. De productieversie werd niet zo 'awesome' als de meer dan 500 pk sterke concept die hem aankondigde, maar met zijn cavalerie van 350 stuks kreeg de smurfblauwe S60 zijn opdrachtgevers makkelijk overstag. En blameerde daarna het thuisfront.

Want de Zweden, van nature nochtans geen navelstaarders, konden maar moeilijk verkroppen dat Australië iets kreeg dat aan hen voorbijging. De hoofdzetel plooide zich naar de klachtenmails en voorzichtig beval het 750 stuks voor de officiële pijplijn. De S60 Polestar was niet langer een bastaard, maar officieel erkend. En in enkele dagen ook uitverkocht. Een succes dat Göteborg met open mond achterliet.

We zijn drie jaar later. Aangestoken door dat hitje opende Volvo ook zijn portefeuille en kocht Polestar volledig op. De divisie maakt nu deel uit van de grote Volvo-familie zoals AMG werd ingebed bij Mercedes. Ze mochten meteen weer de hand slaan aan hun vertrouwde S60. Die prijkt nu doodleuk in het gamma als was het een reguliere D3-diesel en valt even vrijuit te bestellen. Maar hij is anders, zoals in:

  • Geen zescilinder meer, maar een viercilinder met turbo én compressor.
  • Even krachtig en snel en net zo prijzig als de Audi S4 en Mercedes C 43 AMG.
  • Deelt zijn dempers met de Lamborghini Aventador.
  • Vierwielaandrijving via lamellenkoppeling van BorgWarner.
  • Elk vitaal onderdeel werd tegen het licht gehouden. En we bedoelen ook élk.

Polestar is dus helemaal niet zijn proefstuk toe?

Nee, maar je vult ook geen eindeloos doorlopende Wikipediapagina met hun productieverdiensten. Het begon met wat gesleutel aan een C30, waarna er werd overgestapt op de S60. Ondertussen bieden ze ook een onderdelencataloog aan voor meerdere Volvo-modellen en hebben ze 'door de blauwe voodoo getroffen' versies van de S- en V90 aangekondigd.

Achter de schermen verkneukelen ze zich dan weer aan vingeroefeningen. Zo hebben ze de 2 liter-benzine van het merk al eens aangekleed met drie turbo's om hem 450 pk te geven. Van die geintjes, dus, zij het dat ze misschien wel eens hun weg naar de showroom zouden kunnen vinden. Tenslotte zijn er ook nog altijd de koersbezigheden, zoals in het WTCC en het al vermelde V8 Supercar.

Maar het zijn ingenieurs, geen kleermakers. Zoveel wordt meteen duidelijk als je het portier dichtslaat. Weliswaar werd het interieur van de S60 opgetuigd met blauwe naden in het leder, een doorzichtige rug voor de pook en een carbonlook voor de middenconsole, maar een cockpitgevoel of speciale sfeer ademt het niet uit.

Komt nog eens bij dat het interieur van de S60 ondertussen uitgewoond is. Die analoge tellers moeten samengaan met een pietluttige nis voor de multimedia, centraal prijken - waar is de tijd? -  cijfertoetsen voor de telefoon en het is vruchteloos zoeken naar een of andere vorm van touchpad of een alles navigerende draaiknop. Geen spoor zelfs van enige chassisinstelling en die had je dus wél in die R-versies van tien jaar terug.

Pas op, oude eenvoud kan verfrissend werken, zeker op een sportmodel, maar hier is eerder sprake van een vervlogen aanpak. De troost schuilt in een set sportstoelen met een mooie mix tussen steun en comfort en een alcantarasmuk voor een anders veel te groot stuurwiel.

Geen goede, eerste indruk dus?

Esthetiek is niet prangend in dit geval, de 60-reeks wordt immers volgend jaar vervangen. Maar dan gebeurt het. Start de 2 liter en het rijden keert je verwachtingspatroon volledig binnenstebuiten. De finesse van de stuurbekrachtiging, het schakelritme van de achttraps (die anders slome Aisin), de respons op het gaspedaal, het lijkt alsof je met een BMW 3 onderweg bent, vermomd als S60.

Al moeten we deze snelle Volvo eerder aan een Audi spiegelen. Om dat potige vermogen van 367 pk - toeval of niet, het is exact zoveel als bij de S- en AMG-knapen uit dit genre, maar dan met twee cilinders minder - te beteugelen, doet Polestar een beroep op de vierwielaandrijving van Volvo. De lamellenkoppeling werd echter wel bijgeregeld voor meer actie achteraan.

Duw op zijn staart en de S60 schiet met drang vooruit. Hij is snel zonder genadeloos toe te slaan. Zoals in een dikke diesel met veel koppel. Dankzij een turbo die het gezelschap krijgt van een compressor heeft deze Zweed 470 newtonmeter ter beschikking, wat lang niet slecht is voor een viercilindertje. De prestaties zijn onderhoudend en beantwoorden helemaal aan het profiel dat je jezelf voorhoudt van een familiesedan die plots onder 5 seconden de 100 km/u aantikt. Hij heeft er 4,8 tellen voor nodig om exact te zijn.

Onderweg spreidt de Polestar een voor Volvo ongewone focus tentoon. Eén waarvan we totaal niet wisten dat hun auto's die in zich droegen. Die strijdvaardigheid blijft ook ver weg van nervositeit of drama. Gassen en je pose vrijwaren. Zonder verpinken en zonder veel rumoer, overigens. De uitlaatlijn grolt wel, maar sonorisch probeert deze potige Zweed niemand te overschreeuwen. Op zijn staart getrapt deed het geluid ons denken aan dat van een Mercedes-AMG A 45. Niet onlogisch, want ook die doet het met een feestende vierpitter.

Dat deze Polestar op scherp staat afgesteld, illustreert ook het bochtengedrag. Draai aan het stuur en de S60 klapt een set rails uit voor zijn neus en spoort erop verder met veel homogeniteit. Beginnen Volvo's niet te flanken dan? Niet deze. Deze is een openbaring. Lijkt de integrale tractie wat klinisch in het begin dan bloeit ze open eens je begint door te duwen. Geruggensteund door bakken vertrouwen. Verwacht alleen geen wilde drifter, want dat is hij niet, ondanks het zogenaamde accent op de achteras.

Maar het is wel een S60 die boven zichzelf uitstijgt?

Ontegensprekelijk, omdat Polestar hem helemaal opnieuw in elkaar heeft gepuzzeld, tot in elk detail. Van de luchtfilter over de sturing van de automaat tot de remmen, geen onderdeel is in zijn originele staat gebleven. Naar goede traditie bij sportieve Volvo's leverde Öhlins de dempers. Zoek niet verder als je het geheim van de Polestar wil kennen, het is die tweekanaalsdemping die voor de magie zorgt met een benijdenswaardige mix tussen inschikkelijkheid en concentratie. En leuk voor de triviajagers: de enige andere auto met deze dempers is de Lamborghini Aventador. In goed gezelschap, niet?

Zoals gezegd ontbreken er chassisinstellingen, maar er is wel een sportmodus. Die schuilt achter de linkse stand van de versnellingspook en blijkt met zijn bijtender gaspedaal, rode tellers, scherpere schakelreacties en steviger grol de te verkiezen stand voor het circuit.

Daar bezweek de S60 niet onder het verschroeiende tempo dat we hem oplegden. Op de limiet blijft de Volvo hoogst genietbaar, wat mede te danken is aan de progressiviteit van de Michelin Pilot Super Sport-banden. Er is weinig onderstuur en veel vasthoudendheid, enkel overdreven bruuskeren ontzet de Polestar, met de nadruk op 'overdreven'. Want je voelt dan dat je volledig tegen zijn aard in gaat. En de remmen? Die hielden het lang vol, al trad er op het einde wel wat fading op. We kunnen de Zweed enkel een te groot stuurwiel aanwrijven, alsook een iets te trage respons tijdens het opschakelen.

Wat is het AutoWereld-oordeel?

Dit is de beste Volvo waarmee we ooit reden, een echte ingenieursauto zoals we dat van Subaru's en BMW's plegen te zeggen. Het is halsreikend uitkijken naar de toekomstige modellen die nog 'gepolariseerd' gaan geraken.

(Fotocredits: Lennen Descamps)

 

In dit artikel : Volvo, Volvo S60