Zich aanmelden

Met Facebook aanmelden

of

Uw informatie is niet correct.

Ik meld me aan Wachtwoord vergeten?
Er is geen Facebook-account verbonden aan de website, schrijf u in.

Wachtwoord vergeten?

×
Mijn wachtwoord opnieuw instellen
Je ontvangt een e-mail voor het instellen van een nieuw wachtwoord.
Geen account gekoppeld aan dit e-mailadres

Nog geen account?
SCHRIJF JE GRATIS IN.

Inschrijven nieuwsbrief
Menu

En/Of

En/Of

Ben jij een F1 kenner? AutoWereld daagt je uit!

Ben jij een F1 kenner? AutoWereld daagt je uit!

Speel mee >>

Onze vergelijker laat je toe om tot 3 auto's tegelijkertijd te vergelijken en 9 vergelijkingen in je mandje te bewaren.

Uw winkelmand van te vergelijken voertuigen0

Bent u zeker dat u uw selectie van voertuigen wilt verwijderen ?

Bevestigen Annuleren

Sleep en verplaats een voertuig vanuit uw winkelmand naar één van de 3 posities hierboven om de vergelijking te maken

Eerste test / Aston Martin DB11 (2016)

De DB11 is en blijft een Aston Martin in elke vezel van zijn slanke lijf, maar eentje die het dankzij zijn gloednieuwe onderstel en gloednieuwe V12-krachtbron niet alleen van zijn charmes hebben moet. AutoWereld doet de test.

Prijs
NB
  • Score redactie NB

Overzicht :

Wat is dit?

Vergeet de speciaal voor James Bond gebouwde DB10 op Vantage-basis, dit is de echte opvolger van de alweer uit 2003 stammende DB9. En het is geen verplicht nummertje geworden, want volgens ceo Andy Palmer geldt deze Aston Martin DB11 als het belangrijkste model uit de 103-jarige geschiedenis van het Britse merk. Deze GT trapt immers het zogeheten Second Century-plan af, dat over de toekomst van Aston Martin beslist. Er staan liefst zeven modellen op het programma, met naast de sportwagens ook een cross-over en een superlimousine.

De DB11 wil de richtingaanwijzer van Aston Martin zijn, een baken waaraan zowel de ingenieurs als de designers zich kunnen spiegelen. En dan mogen er goen hoeken afgesneden of randjes afgelopen worden...

  • Een nagelnieuw, volledig uit aluminium opgetrokken chassis, met dubbele wishbones voor- en een multilink achteraan. Adaptieve Bilstein-dempers komen als standaard.
  • Tussen de voorwielen ligt een volledig in eigen beheer ontwikkelde V12, een 5,2 liter-motorblok met dubbele drukvoeding en actieve cilinderuitschakeling.
  • De V12-biturbo drijft de achterwielen aan via een achttrapsautomaat van ZF-makelij en via een differentieel met beperkte slip. De DB11 heeft drie rijmodi: GT, Sport en SportPlus.
  • De stevig opgefriste designtaal gaat hand in hand met extra zorg voor de aerodynamica, met de Curlicue en Aeroblade als resultaat. Achteraan heeft de DB11 een actieve gurneyflap.
  • Introductie van een elektromechanisch bekrachtigde stuurinrichting, een elektrische handrem en een elektronisch gecontroleerd uitlaatsysteem.
  • Samenwerking met Daimler zorgt voor infotainment op Mercedes-niveau. Voor het eerst standaard uitgerust met Isofix-bevestigingspunten voor een kinderzitje.

Aston Martin DB11

Gaat de nieuwe designtaal wel ver genoeg?

Toen we de Aston Martin DB11 het eerst gadesloegen op het Autosalon van Genève eerder dit jaar, hadden we onze twijfels. We vonden dat hoofddesigner Marek Reichman wat te ver gegaan was, dat hij het lijnenspel vooral strakker in plaats van sexier getrokken had. Maar achteloos poserend in de Toscaanse heuvels vallen alle puzzelstukken naadloos in elkaar en verleidt de DB11 zelfs de grootste zeurpieten tot een bewonderende glimlach. Met dank aan de aangepaste proporties, met kortere overhangen en een langere wielbasis. Breder en lager oogt deze GT naast slanker ook een stuk wilder.

Nu draait het niet alleen om de esthetiek, anno 2016 spreekt de aerodynamica een flink woordje mee. Om de elegantie van het ontwerp te verzekeren, wilden Reichman en zijn designteam geen patserig spoilerwerk, een queeste die tot de Curlicue en de Aeroblade leidden. De op de Vulcan geïntroduceerde Cerlicue zijn de kieuwen achter de voorste wielkasten, die de lift op de vooras drukken door de wind vakkundig te kanaliseren. Met Aeroblade doelt Aston op de luchtkanalen ter hoogte van de C-stijl, die rijwind happen en die weer uitspuwen via de sleuf tussen de achterlichten.

Tot slot is er nog een zogeheten gurneyflap die de Aeroblade-oplossing bij hogere snelheden een handje komt toesteken, zodat er voldoende neerwaartse druk is om de Aston Martin DB11 ook aan topsnelheid stabiel te houden.

Aston Martin DB11

Beschikt die nieuwe V12-biturbo wel over voldoende karakter?

De introductie van drukvoeding valt nostalgici zwaar op de maag. En inderdaad, die turbocompressoren knagen aan de toerenhonger, aan het motorkarakter én aan de soundtrack. Maar het blijft wel een V12, eentje die een piekvermogen van 608 pk combineert met een maximumkoppel van 700 Nm en die een topsnelheid van 320 km/u paart aan een 0 tot 100 km/u-sprinttijd van 3,9 seconden. Het gaat vooruit, het gaat verbazend goed vooruit. Maar zelfs wanneer je het gaspedaal helemaal vloert en de V12-biturbo zijn laatste paardenkrachten in de strijd moet gooien, houdt de DB11 het stijlvol en elegant. Zoals het een echte GT betaamt.

Naast een dubbele turbo rekent de 5,2 liter-V12 ook op stop-starttechnologie en actieve cilinderuitschakeling, waarbij een van de cilinderbanken zichzelf lostkoppelt op het verbruik te drukken. Opmerkelijk: om de temperatuur in de katalysatoren tijdens die desactivatie in hun optimale werkingsgebied te houden, schakelt het motormanagement van de ene naar de andere cilinderbank. Op definitieve verbruiks- en emissiecijfers blijft het evenwel nog wachten.

Schakelen doe je via de gekende ZF-achttrapsautomaat, desgewenst via op de stuurkolom gemonteerde flippers. De versnellingsbak gaat vlot van het ene naar het volgende verzet, alleen is het gat tussen twee en drie wat groot en brengen meervoudige terugschakelmanoeuvres wat onbehagen met zich mee. Dat komt omdat de strakke rijdynamiek van de Aston Martin DB11 je soms doet vergeten dat de Britten hem niet als onvervalste sportwagen in de markt willen zetten, maar als kilometersverslindernde GT. En dan klopt het plaatje helemaal.

Aston Martin DB11

Ok, ok, het is een GT. Dus een echte bochtenpikker is de DB11 niet geworden?

Toch wel. De volledig uit aluminium opgetrokken basisstructuur zorgt voor minder kilo's en meer stijfheid, waardoor de set-up van de ophanging comfortabeler kon zonder aan efficiëntie in te boeten. Samen met het bredere spoor, de nagenoeg optimale gewichtsverdeling tussen beide assen, de opvallend directe stuurinrichting en de assistentie van de torque vectoring zorgt die nieuwe basis ervoor dat de DB11 veel compacter en leniger aanvoelt dan hij eigenlijk is. Zelfs zonder haast vlieg je door het achterland.

In de voor snelwegentrajecten bestemde GT-comfortmodus van de actieve demping stuitert de achterkant wat te fel, waardoor tractie en efficiëntie wat in het gedrang komen. Maar in de Sport-stand knal je vrank en vrolijk van de ene bocht naar de volgende haarspeld. De elektrische bekrachtiging toont zich voldoende communicatief om de DB11 te zetten waar je hem hebben wil, zodat je snel en veel vertrouwen tankt om een tandje bij te schakelen. Dan wordt het wel opletten geblazen, want de elektronica vervult eerder een vermanende dan een bijsturende functie.

Er is ook een SportPlus-functie, die wat extra agressie onder de patatten roert en de digitale tellerpartij rood kleurt. Maar een echte meerwaarde biedt die rijmodus niet, want die directere afstellingen resulteren vooral in nodeloze nervositeit. Ze willen het niet met zoveel woorden zeggen, maar onrechtstreeks geven de ingenieurs toe dat het de marketingafdeling was die om de extra SportPlus-setting vroeg. Nu goed, op het circuit valt er inderdaad wat voordeel uit te halen. Maar wie jaagt zijn DB11 in hemelsnaam over een afgesloten omloop?

Aston Martin DB11

Hoe zat die samenwerking met AMG weer in elkaar?

 Aston Martin sloot een samenwerkingsakkoord met Daimler, het huis achter Mercedes en AMG. Gelukkig beseffen de Duitsers dat de eigenheid van de Britse sportwagenconstructeur heilig blijft, zodat Andy Palmer en zijn team nagenoeg autonoom kunnen werken. Bij AMG lenen ze de door twee turbo's onder druk gehouden 4 liter-V8, waardoor ze budget konden vrijmaken om de ontwikkeling van de nieuwe V12 volledig in eigen huis te doen. Die V8 wringt zich niet in deze DB11, maar vult het motorcompartiment van de Vantage-opvolger.

Die samenwerking met Daimler dient vooral het interieur, daar de DB11 op de elektrische systemen van de Mercedes C/E/S vertrouwt. Dan hebben we het niet alleen over het infotainmentsysteem of over de gps-navigatie, maar over zowat alle bedrading tussen koetswerk en interieur. En dat zorgt voor een aanzienlijke kwaliteitsinjectie, die verder wordt geboost door de knappe materialen, de degelijke afwerking en de stijlvolle verpakking. Knap hoe de typische Mercedes-elementen zoals de centrale draaitoets en de hendels achter het stuur geïntegreerd werden.

Daarnaast zorgt de extra ruimte tussen beide assen voor meer bewegingsruimte op de achterbank, ruimte die Aston Martin deed beslissen om Isofix-bevestigingspunten voor kinderzitjes aan te bieden. Een vierzitter is deze GT nog steeds niet, wel een bruikbare 2+2.

Aston Martin DB11

Het AutoWereld-verdict?

Als de DB11 de richting bepaalt waarin Aston Martin de komende jaren hoopt te gaan, dan zit het wel snor. Deze GT oogt sexy en rijdt elegant, zoals we dat van de Britten gewoon zijn. Maar dankzij de door turbo's aangeblazen V12-biturbo, dankzij het uit aluminium vervaardigde onderstel en dankzij het opgewaardeerde interieur presenteert de DB11 zich in de eerste plaats als een bijzonder homogeen product. Het karakter blijft gevrijwaard, maar geldt niet langer als excuus voor die ooit zo typische onvolmaaktheden.

Met deze DB11 heeft Aston Martin een GT gemaakt die klanten moet kunnen afsnoepen van zowel Bentley en Rolls-Royce als van Maserati en Ferrari. En dat is toch het doel.

Aston Martin DB11

 

In dit artikel : Aston Martin

Geschreven door op